Nachtvissen op stekelridders?

By 7 december 2015 Techniek, Tips No Comments

Ik kan pas ontsnappen aan gezinsmatige verplichtingen om te gaan vissen rond 20:00. In de herfst is het dan al goed donker.

En dat was tot voor kort een probleem, want normaal gezien stopt de baars met bijten op het moment dat de zon achter de bomen verdwijnt. Dat is soms een half uur voor zonsondergang, een beetje afhankelijk van hoe hoog de bomen zijn en hoe dicht ze tegen het water staan. Maar gedurende meer dan een jaar was dit een vast patroon: vollenbak aanbeten in de late uurtjes,  maar vanaf de seconde dat de zon achter de bomen verdwijnt: algemene stilte. Of heel af en toe nog een verdwaalde aanbeet van een snoekbaarsje, maar die zijn niet dik gezaaid in mijn lokale wateren.

Maar wat doet de baars als de zon weg is? Gaan slapen? Inactief worden? Of gewoon op een andere plaats gaan liggen?

Gelukkig bleek het dat laatste te zijn. Gelukkig zijn we in Vlaanderen niet zuinig met straatverlichting.

Dit is de schaduwnaad naast een brug, daar is het te doen. Daar is genoeg licht om een shadje zichtbaar te maken… … onder de juiste omstandigheden. “Roofvissen jagen op zicht” wordt dikwijls gezegd. Dat is niet helemaal correct uitgedrukt: ze gebruiken al hun zintuigen, maar goed zicht is wel wat ze nodig hebben om toe te happen op het cruciale moment.

Dus: kunstaas zichtbaar maken in verlicht water, hoe doet men dat?

Wat werkt, is met de straatlamp in de nek schijnend het aas over een talud wippen. Het aas komt dan vanuit de duistere diepten ineens in een ondiepe zone, en steekt goed af tegen een verlichte achtergrond, een beetje zoals een schaduwspel op een wit doek. Bonus tip: zorg ervoor dat u stevig staat, want een plotse aanbeet vlak voor de voeten is goed om het water in te kukelen.

Een straatlamp in de nek is goed, een volle maan in de rug is zo mogelijk nog beter. En een solide, donkere kleur van kunstaas creëert het beste silhouet en lokt de meeste aanbeten uit.

Nog een tip die wordt gegeven is: gebruik kunstaas met een harde actie, en een reukmiddel. Het klinkt logisch, maar persoonlijk heb ik dit nog niet veel verschil zien maken. Ik denk dat een roofvis in de duisternis een stuk kunstaas kan waarnemen met het zijlijnorgaan, en kan volgen, zelfs als het een subtiele actie heeft. En als het dan ineens zichtbaar wordt: HAP!

Te vermijden: speelse, onvoorspelbare actie. Een aasje dat op een gezapige snelheid rechtdoor zwemt, is gemakkelijker te volgen in de duisternis. In het Engels: “Chuck and wind”. In het Frans: “En linéaire”. Een poging voor een Vlaamse versie: “Kalm binnenzwengelen”.

Waar een wil is, is een weg. En waar een straatlamp is, is een vis te vangen.

 

EDIT: Om ’s nachts te vissen in België is het nodig om een ‘groot’ visverlof in je bezit te hebben. Dit zodat je kan vissen na zonsondergang.
Klik hier voor meer info over de verschillende opties van het visverlof.

Schrijf een reactie