Groot onderhoud: Shimano Stradic 1000 FAML

By 22 september 2017 Reviews, Techniek No Comments

De 2017 editie Stradic scoorde zeer slecht op onderhoudbaarheid, en levensduur was een groot vraagteken.
Toevallig ligt hier een 2016 model stradic met 248 draaiuren op de teller. Hoe zou die er vanbinnen uitzien? Zou er nog leven in zitten?

Een teardown dus: alles open, alles inspecteren. En tegelijk proper maken en reviseren.

Dit is wat we denken nodig te hebben: ontvetter, doekjes, vet, potje, tournavis, andermans tandenborstel.

Maar… 248 uren? Zo tot op het uur precies?! Hoe weet je dat?

Uit een logboek is dat snel te berekenen. Einduur min beginuur, en dan optellen.

Deze Shimano Stradic 1000FAML is een jaar oud, en aan gemiddeld een halve visdag per week, kom je aan 248 draai-uren.
ML is trouwens de max, staat voor Micro Line, en betekent: ondiepe spoel.

Nog iets tofs dat we uit een logboek kunnen halen: deze molen heeft meer dan 1000 baarzen gevangen, dikke snoek en snoekbaars, en een gepikkelde karper. Hij heeft dus goed afgezien 🙂

Dus. We zetten een tas thee en we beginnen er aan.


De spoel afvijzen kan iedereen.


Die is best vuil trouwens. Maar OK, de molen heeft regen en oerwoud gezien, en waarschijnlijk ook opgespat straatwater.


De zwengel draait er achterwaarts uit. Nooit getest trouwens, hoe dat werkt als de anti-retour af staat als je een dikke vis drilt.

Nooit geweten hoe dat stukje braid daar gekomen is trouwens. Dat moet iemand anders daar gestoken hebben als we niet aan het opletten waren 🙂

We beginnen met het beugelmechanisme, want dat is het rotste werkje.


VOORZICHTIG als die schroef los komt! Daar zit een veertje achter. Even goed in ’t oog houden hoe dat opgespannen zit, voor straks.


De andere kant mag nu ook los.


Dat ziet er niet slecht uit. Beetje krokant van de zwarte vuiligheid, maar verder niks mis mee.


Markant detail: de scharnierstukken zijn gespoten in hetzelfde blinkend kleurtje als het molenhuis, maar ze zijn onderliggend van aluminium. Er is een klein, klein beetje slijtage op het loopvlak, tot op het blote aluminium. Maar het scharnierpunt is nog perfect. En de thee is al op, we zijn nog maar pas begonnen…

Die lijnroller heeft kilometers gemaakt. Maar buiten een beetje vuil is er eigenlijk niets aan te zien. Wel wat speling.

Proper maken en terug assembleren. Met de platte schroevendraaier, trouwens. Een friemelig werkje.


We gaan de veer er terug in steken en de beugel terug assembleren, kwestie van de onderdelen niet rond te strooien.


Voila. Half klaar. Totnutoe geen echte slijtage gezien.


De open kant van de zwengelas is afgedicht met een o-ring. Daar is niks in gekomen. Top!


Dan beginnen we aan de tandwielkast. Bij de meeste molens schuift heel die rij rondellen er zo af, hier niet. Enkel de ratelschijf wil lossen. Oei.


Dat is geen roll pin, dat is een inbusvijsje maat 0,5mm! Wie heeft zoiets?! Dat zijn minpunten, Shimano.


We proberen niet te zagen en we doen verder. Die grote moer is linkse schroefdraad.


Dan kunnen we de rotor ver genoeg opschuiven om aan de tandwielkast te werken.


Achter de rand is veel vuiligheid te vinden, maar dat is iets waar mannen zich meestal wel bewust van zijn.


Om de tandwielkast te delen, moet eerst het verchroomd sierkapje er af. Maar dat wil niet.


Ha! Een verstopt klootzakvijsje. Daarom.


Het is een goed idee om kleine vijsjes te bewaren in het gat waar ze thuishoren, zeker de klootzakvijsjes. Dan kunnen ze niet gaan lopen.


3 Kruiskoppen houden het tandwielhuis bij mekaar. De ‘carteur’ in het sappig Vlaams. De 2 helften zouden misschien uit mekaar kunnen zo, misschien niet.


We gaan geen risico’s nemen. Dat miniscuul inbusvijsje moet er uit.


Dan kan de rotor er volledig af.


En dan kunnen we de anti-retour demonteren.


Het tandwiel (de pion) komt al piepen! De lagers zijn groot, soepel, en ze zitten in een perfect passende, stijve behuizing. Dat doet Shimano goed.


Tadaaa! Alles open.

We zien:

  • Een kroonwiel met shimmekes.
  • Wit lithiumvet. Dat draait soepel, dat smeert goed, maar dat is niet het beste onder hoge belasting.
  • Een wormwiel om de spoel op en neer te laten gaan. Niks aan, gaan we laten zitten.
  • Geen dichtingen. Heel fijn dat Shimano een oliedopje voorziet om olie bij te druppelen, maar die loopt er waarschijnlijk zo terug uit. De afdichting gebeurt door een goed passend plastic randje, ingesmeerd met vet.
  • Het wormwiel is gehard aluminium, de assen zijn nog staal. Die waren in het 2017 model ook aluminium.

Het kroonjuweel: het kroonwiel. Koud gesmeed aluminium, en geanodiseerd.


De pion lijkt van messing gemaakt. Niet gehard. Dat klinkt als een vrij zwak metal, MAAR… …


Kijk! Dit messing tandwiel heeft 5 gangen. Dus niet zoals een bout met schroefdraad, waar er maar 1 gang is. Dit zijn 5 naast mekaar liggende gleuven. Dat betekent dat het kroonwiel altijd 3 of 4 tanden aangrijpt, dus de krachten worden netjes verdeeld. Je zal bijvoorbeeld bij een harde schok nooit 1 tand afbreken of beschadigen.

Geniaal. Dit is echt high-tech. Industriële wormwielen met 2 of 3 gangen zijn absoluut onbetaalbaar, Shimano maakt er vlotjes 5 in een molentje van 150€. Om dit te maken is hele modern machinerie nodig.


Schoonmaken, opnieuw invetten. Slijtage: 0,0.


Slijtage aan het kroonwiel? Wederom, 0,0. Niks aan te zien.

Dit komt niet doordat er dure materialen of processen gebruikt zijn. Hier is geen enkele slijtage, doordat de tandwielvormen goed ontworpen zijn, en doordat de behuizing stijf genoeg is om de tandwielen perfect in positie te houden.


Dat mag met een beetje vet terug in mekaar. Die kan nog eens 248 uren mee.


Even testen voor de nieuwsgierigen: de behuizing is glasvezelversterkt plastic, met redelijk veel vezel. Heel stijf. Heel goed.


Plop! Behuizing terug toe.


Anti-retour er terug op. Zonder olie of vet!


Nu weten we wel dat dat oliepoortje uitkomt aan de achterkant van de tandwielen, waar de tandjes niet zijn. Maar olie zal hopelijk zijn weg wel vinden richting de tandwielen.


Rotor er terug op, grote 10mm linkse moer er terug op. Die is niet geborgd trouwens. Bij andere molens zit er altijd een borgschroefje, of 2.


Dan de slipratel. Die gaat gelukkig gemakkelijk terug in mekaar. Die Teflon bus lijkt de afmetingen te hebben van een lager.


8x11mm. Geen courante maat van lager.


We vlammen alles terug op de as, inclusief het 0.5mm inbus stelschroefje, en 5 shims. Dat gaat allemaal vlot.


Dat is de truc om hele kleine vijsjes vast te houden bij installatie: met de vingernagel.

Dit is al het gereedschap dat we nodig gehad hebben. Niet verwacht waren de platte schroevendraaier, 10mm sleutel, olie, en de 0.5mm inbus.

 

Conclusie:

  • die 2016 Stradic kan nog wel een (intens) jaar mee.
  • Veel respect voor de technologie van Shimano.
  • Shimano wil niet dat Jeanke De Visser thuis zijn molen openvijst. Anders hadden ze geen 0.5mm inbus gebruikt.

Schrijf een reactie