Review: Daiwa Legalis LT 2500

By 12 juli 2021 Reviews One Comment

Molens zijn als pokémon: je moet ze allemaal verzamelen.

Met de review van de Daiwa Fuego LT hebben we het al gezegd: Daiwa is de markt van de goedkope molens omver aan het blazen. Het is belachelijk hoeveel kwaliteit je kan krijgen voor weinig geld.

En we hadden gelijk: het was belachelijk. Daarom dat het 2020 model Fuego duurder is geworden. Dus daarom dat we nu de goedkope Legalis eens moeten bekijken.

2500 Model deze keer, want van de 1000 serie hebben we alle pokémons al verzameld.

Allright, specificaties! Er is eigenlijk niets speciaals te zien: 5.3 op 1 is een heel normale overbrenging, 205 gram is lekker licht in deze categorie, en ATD, AIRROTOR, DIGIGEAR, bla bla bla,… Daar hebben we het ook al over gehad: in tegenstelling tot de concurrentie, geeft Daiwa je op goedkope molens dikwijls exact dezelfde componenten als op de dure. Het enige dat we niet hebben, is MagSeal.

Fijn. Boekjes en pamfletten om nooit te lezen, rondellen om nooit te gebruiken, en een molen. Om wel te gebruiken.

Dat ziet er best sexy uit. Een beetje geel, maar dat kan geen kwaad. Moet je maar tegen kunnen.

Je krijgt ook een condoom voor de spoel. Die moet je eerst nog verwijderen. Geen idee wat het nut hiervan zou kunnen zijn, maar het voelt een beetje aan als een nieuwe telefoon. “De ontmaagding.”

Ook te zien hier: de lijnclip. Dit doet Daiwa al 30 jaar: veel aandacht besteden aan onbenullige details nét iets beter te maken. De clip is verzonken, maar er is toch plaats genoeg naast. En ze is breed genoeg voor mensen met worstige vingers. En de clip is geveerd!

Is het zichtbaar op de foto? De spoel is lichtjes taps, iets dikker naar voren toe. Voor de perfecte lijnafgifte. Dit hebben we ook gezien bij andere Daiwas. Beetje raar, maar werkt perfect.

Pfoeh! Dat is toch wel zeer compact. Daar kan nauwelijks een half sigarettenpapiertje tussen, tussen de beugel en de spoel. Dit is Daiwas manier om gewicht te besparen.
Dit is enkel zo als de spoel helemaal vooraan staat.

Daiwa LT molens zijn gewoon compact, alle series, allemaal. Daar moet je wel even rekening mee houden als je gaat shoppen. Je krijgt meer power in minder gewicht en minder volume.
Misschien is het niet zo opvallend op foto, maar een 2500 Daiwa is merkelijk compacter dan een 2500 Shimano.

Vanaf 2500 krijg je zo een T-zwengel. Han je hard aan doorzwengelen. Zit quasi geen speling op, grijpt lekker vast. Relatief lange zwengel ook. (That’s what she said.)

De slipknop en de slip zijn exact dezelfde als de duurdere Daiwas. Boterig, soepel, lineair aanvoelend,… Al wat je kan willen.

Wie goed kijkt, ziet dat de spoel een beetje ondiep is. Dat is nieuw voor 2020: alle ‘D’ modellen en de modellen zonder extra letter, hebben een niet-super-ondiepe-maar-zeker-geen-diepe spoel. Gewoon ideale diepte eigenlijk. Net ondiep genoeg om net genoeg lijn op te zetten, zodat je niet teveel verspilt.

De nieuwe spoelen, en de lichtere rotors, dat zijn de innovaties van de 2020 modelreeksen. Nootzakken van Daiwa! Alhoewel ze de beste molens neerzetten, houden ze toch altijd nog een paar features achter de hand, om na 3 jaar toch weer nieuwe reeksen uit te brengen. En die zijn dan toch weer nét iets beter dan de vorige. Wedden we dat binnen 5 jaar de molens onder de 100€ ook monocoque behuizingen hebben? Bastards, dat zijn het. Marketing gangsters.

De onderkant van de spoel is simpel, maar weeral typisch Daiwa: heel heel netjes, en beter dan anderen. De lijnclip is geveerd, met een mooi afgewerkt veertje van echt verenstaal.
Neen eender welke andere goedkope molen. De veertjes die verdoken onder de spoel zitten, die zijn elke keer gemaakt van het goedkoopste pisbakkenstaal, en met een slaafse kinderhand scheef geklopt rond een verroeste nagel, in een sloppenwijk in Bangladesh. Gewoon omdat het kan, en omdat niemand daar op let. Bij Daiwa niet: alle onbenullige details zijn geperfectioneerd.

De afsteuning van de spoel is sober. De centrale moer is van goedkoper materiaal, maar 100% netjes.

Dit is het unieke kenmerk van de Legalis: de zwenkbare zwengel. Wegklapbare zwengel. Handig voor wie graag een foedraal gebruikt.

Deze manier, moer een zeskantige as en een boutje aan de andere kant, is old skool tegenwoordig. Bij alle andere modellen schroeft de zwengel op het tandwiel, en dat geeft iets minder speling. Maar het is dan weer gefaf en gesukkel als je een foedraal hebt, want een opgedraaide zwengel klapt niet weg.

Indrukken op het droge: booooooterzacht, super solide, lekker licht. En vrij krachtig, met die lange zwengel en medium overbrenging.
En de actie van de beugel is hetzelfde als alle andere Daiwa molens: spelingvrij, stevig, en krachtig toeklappend met een doffe ‘KLOK!’.

Het moet wel gezegd worden: door dat scharnier in de zwengel, is dit niet zo stijf als een 1-delige zwengel.

Test!

Ikel!

Stekelridder Glasoog zegt dat het goed is.

Die shad is een Gunki V2IB waar we nog altijd geen review van geschreven hebben. Speciaal shadje.

Maar dus: zware gewichten hengsten op de rivier: zalig. De molen blijft boterig en krachtig. En werpen is perfect: geen pruiken, goeie afstand, braid komt er netjes en gecontroleerd af.

Dat is geen stekelridder, maar hij kan wel hard trekken aan hengel en molen! Hij is de slip komen testen, die is exact wat het moet zijn: boterig, nooit haperig, en voorspelbaar qua afstelling.

Conclusie: helemaal goed! Een heel veelzijdig werkpaardje aan een heel zachte prijs.

Join the discussion One Comment

Schrijf een reactie